Mui Ne en de centrale kust: van stille vissersdorpen naar wereldwijde trendbestemmingen
Je hebt het misschien al gezien: ineens duiken Mui Ne, Phan Thiet, Quy Nhon, Nha Trang en de kust rond Hoi An/Da Nang op in lijstjes met trendbestemmingen voor 2026. Booking.com, de Vietnamese toerismedienst, reisblogs… iedereen lijkt het erover te hebben. En jij googelt ondertussen: “strandvakantie Vietnam wat te doen?”. Precies daarvoor ben je hier.
Jarenlang stonden deze stranden in de schaduw van Phuket en Bali. De massa ging naar Thailand en Indonesië, Vietnam bleef meer “voor de rondreis”. Maar juist daarom is deze kust nu zó interessant: minder vol, nog betaalbaar en net een tikje ruiger. Mui Ne heeft lange, winderige stranden vol kitesurfers en kleurige kites in de lucht, terwijl je lnags de centrale kust rustigere baaien en meer laid-back dorpjes vindt waar het tempo duidelijk een tandje lager ligt.
En ja, in het midden van dat alles staat ook nog cultuur. Hoi An met zijn lantaarns en oude huizen, Champa-ruïnes verstopt in de heuvels, oude vissershaventjes die nog nauwelijks zijn “ge-instagramd”. Maar laten we eerlijk zijn: je komt hier vooral voor zand tussen je tenen en zout haar.
In de rest van dit artikel neem ik je mee langs wat je hier allemaal kunt doen, voor wie deze kust leuk is en hoe je Mui Ne handig combineert met Ho Chi Minh City en Da Lat. Eén ding is wel handig om vast te weten: het klimaat verschilt per regio. Klam en heet in Saigon, wind aan de kust, koel in de bergen. Zeker als je in juni reist, loont het om even te snappen hoe de moesson werkt. Daarvoor verwijs ik je later nog naar een uitgebreid stuk over de moesson in juni in Zuidoost‑Azië, maar eerst: strand.
Wat te doen aan de Vietnamese kust: kitesurfen, zandduinen, wellness en vissersdorpen
Mui Ne is inmiddels een klein paradijs voor iedereen die iets met wind en water wil. De wind staat er zo vaak goed dat zelfs de locals het bijna normaal vinden. Langs het strand zie je kitescholen om de paar meter. Sommige met fancy borden, andere met een vage hut en een hond die half in slaap ligt.
Goed nieuws: je hoeft geen surfheld te zijn. Ik had letterlijk nog nooit op een board gestaan toen ik mijn eerste kitesurfles boekte. Resultaat: twee dagen spierpijn in spieren waarvan ik niet wist dat ik ze had, een spectaculaire faceplant in de branding… en tóch meteen de volgende sessie geboekt. Het gevoel dat je ineens echt gaat “vliegen” boven dat lange, goudkleurige strand is verslavend.
Het decor is allesbehalve gelikt. Plastic stoeltjes in de zandrand, surfers die na hun sessie met nat haar aan een koud biertje lurken, simpele beach bars met frietjes, noodles en de eeuwige gegrilde inktvis. Geen Ibiza-vibes, eerder “alles-kan-niks-hoeft”-sfeer.
Net buiten Mui Ne beginnen de beroemde zandduinen. Er zijn twee gebieden: de rode duinen, dichterbij, en de grotere, wittere duinen iets verder weg. Bij zonsopkomst sta je ineens in een soort mini-Sahara, met zacht licht en lange schaduwen. Je kunt er sandboarden (lees: op een plank van een heuvel af glijden, soms heel elegant, soms helemaal niet) of in een jeep laten rondscheuren. Leuk, maar midden op de dag is het er bloedheet en veel drukker. Eerlijk: ga vroeg, zet een pet op en neem meer water mee dan je denkt nodig te hebben.
Ben je na al dat zand en zout toe aan herstel? De hele kuststrook zit vol resorts en guesthouses met spa’s, massagestudio’s en yogalessen. Ik betaalde in Mui Ne rond de 8 euro voor een goede voet- en schoudermassage. Na een paar weken toeterterror in Ho Chi Minh City voelt het bijna onwerkelijk om tijdens een yogales alleen de golven en af en toe een luidruchtige visswrsboot te horen.
Omdat je in Vietnam makkelijk door verschillende klimaatzones reist, is slim inpakken geen overbodige luxe. Ik plan zelf per regio wat ik nodig heb. Als je daar hulp bij wilt, is de manier van denken in klimaatzones uit de paklijst per klimaatzone voor Japan in juni verrassend goed toepasbaar op Vietnam: warm en vochtig, koel in de bergen, winderig aan zee.
Wat deze kust voor mij echt afmaakt, zijn de vissersdorpen. Rond Mui Ne en langs de centrale kust liggen baaien vol ronde blauwe en rode bootjes. In de vroege ochtend zie je vissers hun netten binnenhalen, de lucht ruikt naar gedroogde vis en houtvuur. Aan de rand van de weg zitten vrouwen op lage krukjes, met bakken vol schelpen en garnalen. Een plastic krukje, een blikje bier en een schaal kokkels met knoflookboter waren voor mij uiteindelijk leuker dan het dure seafood-restaurant waar ik de avond ervoor zat. Minder perfect, veel meer verhaal.
Voor wie is een strandvakantie naar Mui Ne en de centrale kust een goed idee?
Is deze Vietnamese kust iets voor jou, of kun je beter gewoon een andere route kiezen? Laten we eerlijk zijn: dit is niet per se dé plek als je alleen maar drie weken plat op een ligbed wilt liggen en verder niks. Er zit te veel te doen om stil te blijven.
Voor koppels is het ideaal als je strand wilt combineren met een beetje avontuur. Overdag kitesurfen of een scooter huren om de duinen en vissersdorpen te verkennen, ’s avonds goedkoop seafood en cocktails in een strandbar. Ik vond het niveau van “romantisch” hier prettig nuchter: geen rozenblaadjes op bed, wel zonsondergang boven de zee terwijl je een kom noedelsoep deelt.
Solo-reizigers vinden hier een fijne pauze tussen de drukke hostels van Ho Chi Minh City door. In Mui Ne en Nha Trang kun je slapen in kleinschalige hostels of guesthouses, overdag een lesje kiten of gewoon een boek lezen op het strand en ’s avonds aan de bar vanzelf in gesprek raken met andere reizigers. Het is sociaal, maar niet zo hardcore als sommige Thaise feeststranden.
Reis je met kinderen, dan zijn vooral de rustigere resorts langs de centrale kust interessant. Langs Nha Trang, Da Nang en rond Quy Nhon zitten veel hotels met zwembad, brede stranden en soms zelfs een speeltuin. Wel even opletten: op sommige stukken kust zijn stroming en golven stevig. Met kleine kinderen zou ik eerder kiezen voor een baai met beschut water dan voor het ruigste stuk open zee.
Feestgehalte dan. Mui Ne is relaxed: een rij bars aan zee, hier en daar een beach party, maar geen full-moon-chaos. Nha Trang en Da Nang hebben meer city-vibes: koffietentjes, rooftopbars, winkelcentra én strand voor de deur. Je kunt er prima stappen, maar je hoeft niet.
Twijfel je of je eigenlijk een actieve vakantie of juist een luie strandtrip wilt, dan ben je niet de enige. Ik merkte dat ik toch onrustig werd na een paar dagen alleen maar zonnen. Als je dat herkent, lees eens de eerlijke vergelijking tussen langeafstandswandelingen in Europa in Camino of Alpen. Heel andere setting, maar hetzelfde dilemma: hoe combineer je bewegen en ontspannen? Aan de Vietnamese kust kan dat verrassend goed.
Ik lag zelf drie dagen op het strand in Quy Nhon en kon het tóch niet laten om één ochtend een viewpoint op te wandelen. Half zwetend boven, maar wél uitzicht over baaien en vissersboten. Een uur later lag ik weer onder een palmboom met een mango-smoothie. Dat gevoel typeert deze regio: niet alleen bakken in de zon, maar ook een beetje spelen, rondkijken, verdwalen.
Zo combineer je Mui Ne en de centrale kust met Ho Chi Minh City en Da Lat
De meeste vluchten komen nog steeds binnen in Ho Chi Minh City. Logische start dus. Van daaruit is Mui Ne je eerste stap richting strand. Je kunt met een bus of minivan gaan, of de trein naar Phan Thiet nemen en het laatste stuk met een taxi doen. Ik deed het met een minivan: iets van vier à vijf uur, inclusief een stop bij een wegrestaurant waar de koffie zo sterk was dat ik de rest van de rit stuiterend uit het raam heb gekeken.
Een route die goed werkt: een paar dagen Ho Chi Minh City voor streetfood en chaos, dan naar Mui Ne voor kitesurfen en zandduinen. Daarna via slingerwegen de bergen in naar Da Lat, waar de lucht koeler is, de jas weer uit je tas moet en je koffieplantages en watervallen hebt in plaats van palmstranden. Als je meer tijd hebt, reis je van daaruit door naar de centrale kust: Da Nang, Hoi An of Nha Trang. Elke plek heeft zijn eigen mix van stad, strand en dorp.
Onderweg merk je hoe verschillend de klimaten zijn. In Saigon plakt je T-shirt na drie minuten, in Mui Ne blaast de wind het zout zo uit je haar en in Da Lat trok ik ’s avonds een trui aan. Zeker in het moessonseizoen loont het om je route slim om buien heen te plannen. Daarvoor is het handig om vooraf even te duiken in alles over de moesson in juni in Zuidoost‑Azië, zodat je niet precies in de hardste plensbuien je stranddagen plant.
Zelf schuif ik mijn planning tegenwoordig liever een beetje tijdens de reis. Een goede digitale planner helpt daarbij. Met iets als de Trip Planner zet je stops, activiteiten en geschatte kosten op een tijdlijn naast elkaar en zie je snel waar je eventueel een extra stranddag wilt stoppen. Ik heb ooit halsoverkop een dag Saigon omgeruild voor Da Lat nadat ik in Mui Ne letterlijk voelde hoe hard de zon was. Extra berglucht, minder asfalt, nul spijt.
Als je nu denkt: “Misschien moet ik dit gewoon boeken voordat iedereen het doet”, dan zit je precies goed. Deze kust is nog relatief rustig, de prijzen zijn vriendelijk en 2026 wordt waarschijnlijk het jaar dat de rest van de wereld ook doorheeft hoe lekker het hier is. Jij kunt er net een jaartje eerder met je voeten in het zand staan.
